Opleiding 3* duiker

Ondertussen ben je al een heel eind ver in je duikcarriere. Maar je wil toch nog een stapje verder gaan. Dan is de opleiding tot 3* duiker iets voor jou. Je mag met dit brevet met iedereen duiken behalve met de prille beginners. Vanaf dat de 1* duiker 15 duiken heeft, mag je met hem samen duiken en hem zo ook verder opleiden. Je bent je bewust van de mogelijke gevaren en kan gepast handelen. Na dit brevet kan je zelfs misschien beginnen na denken om een brevet van AI te behalen.

Definitie van 3* duiker
  • een 3* duiker Moet in staat zijn 'zelfstandig' te duiken.
  • Is in staat duiken te leiden die geen uitzonderlijke moeilijkheidsgraad hebben (bijv. geen duiken met volslagen beginnelingen, ...).
  • Hierbij moet hij alle veiligheidsmaatregelen kunnen treffen, alle duikongevallen kunnen herkennen en er gepast op kunnen reageren.
Voorwaarden voor de opleiding tot 3* duiker te starten

Om deel te nemen aan examens en proeven (theorie, zwembad, OW-proeven en duikleidingen)

  • 2* duiker zijn
  • Minimum leeftijd: 16 jaar.
  • Minderjarige duikers dienen bij hun aansluiting een verklaring te laten ondertekenen door hun ou-ders/voogd. Dit formulier is downloadbaar van de NELOS-website.
  • Volgen van 12 zwembadlessen

Voor homologatie

  • 6 maanden 2*D zijn.
  • Minstens 30 duikuren hebben.
  • In het totaal gedaan hebben:
    • 60 duiken.
    • 40 duiken tussen 10 en 30 meter.
    • 25 duiken in de zone(30).
    • 4 duiken in Zeeland of in een ander getijdenwater met beperkte zichtbaarheid.
    • 4 duiken vanaf een boot.

Theorie kennis 3* duiker
  • Decompressietechnieken
  • Anatomie
  • Fysica
  • Mechanische ongevallen
  • Alle duikongevallen herkennen + behandelen
  • CPR
  • Praktische duikkennis
  • Materiaal kennis, onderhoud en werking
  • Duikplanning en organisatie
  • Veiligheidsreglement
  • Organisatie van een duik in getijdewaters
  • ...
Zwembadproef

Zonder fles

  • 2 maal masker ledigen.
  • 25 m in apneu.
  • 45 seconden stilstaande apneu.

Met fles

  • Ster met 4 duikers.
  • 60 m met 2 duikers op één fles.
  • 20 m in apneu.
  • Gecombineerde proef.
  • 4 maal 20 m tussen 2 flessen.
Openwater proeven

De proeven op 30 m mogen pas afgelegd worden na het behalen van de vereiste 25 duiken in zone(30).

  • C1 - 1.000 m vinzwemmen.
  • C2 - Opstijgen van zone(30) aan 10 m/min + OSB.
  • C3 - Redding van zone(10) tot 0 m + 100 m + slepen + CPR + O2.
  • C4 - Zone(30): statische wisselademhaling + stijgen op 2e ademautomaat naar opp.
  • C5 - Redding van zone(30) tot 10 m.
  • CL1 - Duikleiding zonder bijzondere specificaties.
  • CL2 - Duikleiding zonder bijzondere specificaties.
  • CL3 - Duikleiding met gebruik OSB en kompas.
  • CL4 - Duikleiding in de Oosterschelde met gebruik OSB en kompas.
Beperkingen in diepte
  • Mag duiken tot maximum 40 m.
  • Uitzondering: mogen duiken tot maximum 60 m: de 3*D bij wie dit expliciet op de CMAS-kaart wordt vermeld en de 3*D/KDD.
Duikleider

Een 3*D mag als duikleider functioneren voor:

  • Een andere 3*D of hoger
  • Duikers vanaf 2*D en beperkt tot een maximum diepte van 30 m.
  • Uitzondering: in de groep mag één 1*D zijn, als die minstens 15 duiken gedaan heeft en beperkt tot een maximum diepte van 20 m.

Het homologatiegeld voor het brevet van 3* duiker bedraagt 46 euro.